Gudrun Burkhard: Je leven in eigen hand nemen.
Werken aan je eigen biografie.
De Duits-Braziliaanse arts laat in dit boek zien hoe je aan je eigen biografie kan werken. In het eerste deel worden allerlei wetmatigheden in het leven besproken, ondersteund met voorbeelden van biografische schrijfsels. Het tweede deel is een praktische handleiding. ‘
|
 |
Toelichting
De eerste fase van het leven wordt gekenmerkt door de lichamelijke ontwikkeling, deze tijd loopt van geboorte tot 21.
Tussen 21 en 42 is de middenfase waarin we voornamelijk ons zieleleven ontwikkelen (psychische ontwikkeling). In deze periode is de grootste opgave de ontwikkeling van de persoonlijkheid. Pas na deze fase zijn wij in de volle zin van het woord volwassen.
De derde fase is de periode van de geestelij¬ke ontwikkeling. De biologische krachten worden langzamerhand zwakker en komt er meer ruimte voor het stellen van omvattender doelen dan alleen die van ons zelf.
Vanaf het 63ste levensjaar staat men vrijer tegenover het lot, hoe het verdere leven dan verloopt hangt af van de moed en creativiteit die we tussen 42 en 49 hadden.
De drie grote levensfasen (lichamelijk, psychisch, geestelijk) worden onderverdeeld in kortere fasen waardoor een ritme van 7 jaar ontstaat. Het ritme van 7 vindt zijn oor¬sprong in kosmische wetten. Bijvoorbeeld in de eerste levensfase met 7 jaar is het kind schoolrijp, met 14 begint de puberteit en 21 de mondigheid. De middenfase is een spiegeling van de eerste, het ik kan beginnen het geleerde om te zetten, de meeste mensen beginnen rond hun 21ste aan een relatie, tussen 28 en 35 staan we midden in het leven, van 35 tot 42 is de tijd van de bewustzijnsziel, waarin de vrijkomende lichaamskrachten een hoger bewust¬zijn mogelijk maken. Dit kan alleen als we in de eerste 7 jaar een gezond lichaam hebben opgebouwd (de spiegel met de eerste fase). Het 42ste jaar is weer een spiegelpunt voor de volgende levensfase. In het boek worden in de biografieën duidelijk hoe gebeurtenissen in de eerste fase in de latere levensloop gespiegeld zijn.
De vragenlijsten in de het praktische deel spreken voor zich om mee aan de slag te kunnen. Toen ik zelf een overzicht probeerde te maken om mijn leven in kaart te brengen, kwam ik tot de schrikbarende ontdekking dat ik mij meer bewust was van jaartallen dan van mijn eigen leeftijd. Bijvoorbeeld ik ben geboren in 1955, studeerde af aan de HBO in 1978, maar "hoe oud was ik toen?" Terwijl ik eind augustus jarig ben, dus mijn leeftijd spoort met de schoolseizoenen. Eveneens merkte ik dat ik bleef steken in de feitelijke gebeurtenissen, studie, verhuizingen, trouwen, vriendinnen ontmoeten, overlij¬den, enzovoort.
De verhalen in het boek boden niet veel herkenbare levenslopen, omdat ze veelal in Brazilië gesitueerd waren, om mezelf te bevragen over mijn psychische ontwikkeling.
Door: Gea Evenhuis, http://www.agogischtherapeut.nl/
|